We beginnen vast te roesten en zoeken verandering. We hebben een botenhandelaar uitgenodigd en gevraagd of we de Saluut boot voor een catamaran kunnen ruilen. Hij kon de Saluut wel verkopen en bood ons een Prout aan. Een beetje te duur en een beetje te ouderwets. Cats hebben een recente ontwikkeling en deze Prout was naar ons idee wat achter geraakt. De handelaar had een paar ideeën om onze boot beter verkoopbaar te maken. We besloten daarmee aan de slag te gaan en als we niet aan verkopen toekomen hebben we er zelf plezier van.
Het toeval wilde dat ik voor een kennis wat houten delen ging kopen en terecht kwam bij een bedrijf voor winkelinrichting. Ze hadden precies de platen die wij voor ons plafond wilden hebben. Het plafond was al lang aan en opknapbeurt toe sinds we tijdens het slepen naar Galapagos zout water langs de ramen naar binnen liep en sinds de dieven in Tahiti het stuk hadden gemaakt. De winkelinrichter had ook formica waarmee we de toilettafel in de badkamer een vrolijker afdekking konden geven.Op maat gezaagd hout is voor het interieur van een boot problematisch, je moet van alles een mal maken om het passend te krijgen. Maar in een boot van ons formaat met platen van 240 bij 120 te manipuleren gaat ook niet. Ik wilde dus stroken hebben die er zo veel mogelijk op leken en maakte een tekening hoe ik de platen gezaagd moesten worden. Het werd een ramp. Stroken die in de lengte bedoeld waren werden in de breedte gezaagd en het grote stuk formica ontbraak doordat er e veel kleine stukken werden gezaagd. Gezien de kostprijs niet echt een probleem na drie keer terug gaan, tweekeer met een huurauto en en keer op de fiets hadden we wat nodig was en een heleboel reststukken.We hebben ook het tafelblad in de salon met pink formica bekleed en de plafond , op een hut na, zijn nu zuiver wit en spiegelglad. Het schilderwerk is ook al aardig gevorderd.
De fiets bewijst zijn dienst bij het boodschappen doen maar heeft ook zijn problemen gegeven. Om hem een beetje roestvrij te houden spuit ik hem af en toe in met WD40. Toen ik op de steiger stond met de fiets aan de hand en Magda me de spuitbus aangaf kwam er een ferry langs en wiebelde de steiger zo erg dat ik de fiets liet vallen. 12 meter diep in stromend water. Na uren dreggen en het verleggen van de Saluut heb ik hem weer boven water gekregen. De spuitbeurt met WD40 en daarna met lanoline was acuut nodig.
We zijn sinds 21 april in Thailand we hadden 4 dagen nodig om van Langkawi naar AO Chalon op het eiland Phuket te varen, de nachten lagen we geankerd bij een eiland(je). We hadden het weer niet mee, golven van 2 meter en de wind precies op kop.Na inklaren, rondkijken in Ao Chalon en uitrusten gingen we naar de marina Boot Lagoon. De lagoon was vroeger een poel in de mangroven maar is nu omgeven door hotels, villa’s, winkels en werkplaatsen voor bootonderhoud. Er is een slingerende uitgebaggerde geul naar de kreek maar je kunt er niet met laag water komen. Wij liepen vast vlak voor de geul en gingen terug naar dieper water om op geankerd hoog water af te wachten.
We haalden onze dochter en schoonzoon van het vliegveld op en na een dagje bijkomen van de jetlag maakten we een toer met een huurauto en bezochten de dierentuin met olifanten-, apen- en krokodillenshows gingen naar het Budha beeld in aanbouw kijken. Dit beeld van gewapend beton is bekleed met marmer. Het staat op een berg en is 45 meter hoog.
De avond brachten we door in het uitgaanscentrum van Patton Beach. Volgens de verhalen is het aanbod van vertier daar niet minder dan in Bangkok. Je kunt er goed eten en erop alle manieren gemasseerd worden.
De volgende zeven dagen maakten we met de Saluut een tochtje naar Kabi en door de Phang Nga Bay weer terug. We hadden goed weer maar moesten steeds op de motor. De wind was wisselvallig en de boot was te rommelig om fanatiek te zeilen. En enkele keer rolden we het voorzeil uit maar dat duurde nooit lang.
De totale route was ongeveer 90 mijl dus voeren we gemiddeld nog geen 15 mijl per dag. Tijd zat dus om te zwemmen, te barbecuen en te wandelen. De eilanden zijn dicht begroeid en de planten blijven mooi groen doordat de mergel waaruit de eilanden voornamelijk bestaan vocht vast houdt. Vanwege dat mergel hebben de eilanden ook steile kliffen en grillige vormen. Er zijn grotten uitgesleten waar je met kleine boot doorheen kunt, soms komt zo een grot uit in een grote ruimte die hier ‘Hong’ genoemd wordt.
We waren ook in Koh Pan Yi. Van dit dorpje op palen wordt beweerd dat de bewoners zeezigeuners zijn. Het zijn echter moslims en voor zover ik weet denken zeezigeuners anders over godsdienst. De overheid doet alle moeite om zeezigeuners in de standaard te trekken maar ze blijven liever op zich zelf. Het zijn nomadeachtige vissers die niets van toeristen moeten. Koh Pan Yi leeft echter van de toeristen, dus hebben ze nu een slechte tijd. De relletjes in Bangkok hebben het toerisme niet bevorderd en hier is het bezoek teruggevallen naar ongeveer 10 %. We konden met zijn vieren voor een prikje een grote 24 persoons long tail huren voor een tochtje over een mangrove rivier en door een grot. We zagen er ook rotstekeningen die uit de tijd van de Neanderthaler zouden stammen.
Terug in Boat Lagoon gingen we shoppen bij Tesco. Voor 100 Eu hadden we 50 aanstekers, een 250Gb HD, vier D batterijen, 10 DVDs, een Nokia telefoontje en bijpassende 12V oplader. We aten er voor 2 Eu garnalen, kip, noedels ei en verse groenten. Verdere plannen: We blijven hier nog een paar dagen en gaan dan terug naar Langkawi. In Penang wacht een snoertje om de HD van mijn mini laptop aan te sluiten. Ze willen het niet opsturen.
Begin 2010 willen we met gunstige moesson naar India. We moeten nog een goede pilot voor India zien te vinden om een detail planning te maken. Volgens de berichten is India ook goedkoop maar wel wat viezer. Het is in elk geval groot genoeg om er een jaartje rond te kijken. Weer en stapje dichter bij dus.